Gooi je cyclaam niet weg na de bloei!

De wonderlijke cyclaam is geen wegwerpartikel. Wie net als vorige generaties geduld kan opbrengen, ziet de pokdalige knol in de winter weer uitbloeien tot een ware diva.

Tuinieren heb ik van mijn grootmoeder geleerd, die het op haar beurt ook al had doorgekregen van haar moeder. De eerste plant die ik met mijn oma associeer, is de imposante kamercyclaam in haar vensterbank.

Ragfijne zilveren lijntjes

Ik zal hooguit een jaar of vijf zijn geweest toen die felrood bloeiende cyclaam mij voor het eerst opviel. Wekenlang stond ze zich wezenloos te bloeien en leek het wel plantaardig plastic. Dit moest wel de mooiste plant op aarde zijn, ieder blaadje perfect getekend met ragfijne zilveren lijntjes en vlekjes en bloemen vrij van iedere smet. In mijn herinnering zaten er wel 100 bloemen aan, nu denk ik dat het er hooguit 95 zullen zijn geweest.

Dit alles speelde zich af hartje winter, in de behaaglijk warme woonkamer van mijn grootouders, waar de cyclaam alle aandacht naar zich toe wist te trekken. Hoe groot was dan ook mijn ontzetting toen ik enkele maanden later dezelfde plant bij hen zag. Van de eens zo trotste kamerplant in glimmend koperen sierpot was alleen het glimmende koper nog over. De bladeren waren vergeeld en afgestorven, en in de pot was nu een grote, pokdalige knol zichtbaar. Ik was er ontdaan van.

Mijn oma verzekerde mij dat dit normaal was, cyclamen hebben ook rust nodig. Maar na een vakantie van enkele weken zou de knol vanzelf weer uitlopen en het hele spektakel van vooraf aan weer beginnen. Ik weet nog dat het de eerste keer was dat ik mijn oma niet geloofde. Toen haar voorspelling later toch bleek uit te komen, is de kiem van mijn sindsdien niet aflatende fascinatie voor natuur in het algemeen, en planten in het bijzonder, gaan spruiten.

Familietrekje

De cyclaam is een wonderlijke plant. Ze is familie van de primula of sleutelbloem, maar weet dat zelf niet. Ze lijkt er alleen in zoverre op, dat ook zij meerjarig is. Aan de bloemen kunnen alleen geoefende botanici de familietrekjes herkennen.

Oorspronkelijk is ze afkomstig uit Klein Azië en door generaties kwekers van een bescheiden plantje in de natuur, omgevormd tot een ware diva, met haar schreeuwerige kleuren. Ze zijn er in allerlei rode, roze, lila en witte tinten en tekeningen, al dan niet met gefranjerde bloemblaadjes of spectaculair zilverbont loof.

Wie haar echter na de bloei geen water meer geeft, krijgt als beloning een plant die nog mooier is dan daarvoor.

Meestal koop je kamercyclamen al volop in bloei en haal je als het ware een bos bloemen met wortels in huis. Velen hebben heden ten dage niet meer het geduld en de spaarzaamheid van mijn grootmoeder. Daardoor verdwijnen veel uitgebloeide cyclamen na bewezen diensten in de biobak. Wie haar echter na de bloei geen water meer geeft, en voor lief neemt dat de bladeren dan zullen vergelen en de plant in rust gaat, krijgt als beloning na die noodzakelijke zomerstop een plant die nog mooier en voller is dan daarvoor.

Met dat in het achterhoofd kunnen cyclamen hun imago als wegwerpartikel overstijgen en uitgroeien tot ware huisvrienden. Dat is geen nieuw inzicht, mijn grootmoeder wist dat al lang geleden. Haar vuurrood bloeiende pronkstuk was al zo lang onderdeel van het gezin, dat niemand meer precies wist hoe oud ze eigenlijk was.

Dit artikel is geschreven door Brian Kabbes. 
Brian is Noordelijk kweker van botanische rariteiten.

Meer laden